Wat de Yesser nonnen aten.... Haren de Krant mei 2020

Wat de Yesser nonnen aten
Vanaf 2017 heeft op het terrein van het voormalig klooster Yesse jaarlijks studenten(bodem)-onderzoek plaatsgevonden onder leiding van Stijn Arnoldussen. Studenten hebben de afgelopen jaren naar aanleiding van de resultaten verschillende scripties geschreven. 
Zo hebben Morvenna van Rijn, Francis Koolstra en Stijn Arnoldussen een artikel geschreven over voeding van de nonnen in Yesse. Hierna een korte impressie. Het volledige artikel met bronvermeldingen, alsmede enkele andere studentenscripties, is te vinden op de website van Yesse achter het tabblad publicaties: https://www.kloosteryesse.nl/publicaties
Voorop staat, dat met name de koorzusters volgens de voor de cisterciënzer orde leidende Regel van Benedictus geacht werden sober te eten. Deze Regel schrijft een of twee maaltijden per dag voor, (twee op feestdagen) twee gekookte gerechten voor het geval iemand een van beide niet verdraagt, en verbiedt het eten van vlees van viervoeters. Een pond brood, eventueel te verdelen over de twee maaltijden was voldoende. Slechts heel zwakke zieken mochten enig vlees eten. Voor alles gold matigheid, ‘zodat nooit een monnik (zuster) onpasselijk zou worden, dat stompt de geest af’…
Het onderzoek van gevonden resten te Yesse: 
Dierlijke vondsten: Er werden veel aanwijzingen voor vis gevonden, evenals voor gevogelte, met name gans of eend. Yesse had een eendenkooi voor eigen gebruik aan de huidige Noorderzanddijk. In het artikel wordt gezegd dat niets over visrechten bekend zou zijn. Echter, uit ‘Stadsrekeningen’ van 1560 blijkt dat een bezoekende stadhouder vis uit Esser water aangeboden krijgt, wat visrechten impliceert. Uit de vondsten blijkt duidelijk dat er vee geslacht werd, een grafiek laat zien dat er ruim runderen aanwezig geweest zijn, naast schapen en geiten en een enkel paard.
Plantenresten-: Uit bodemmonsteronderzoek blijkt verbouw van fruit, zaden en noten, peulvruchten en granen: gerst en rogge (het toen gangbare broodmeel), maar ook vlas, mollebonen en pastinaak. Veel werd geteeld op het eigen corpusland, dat zich uitstrekte van de Rijksstraatweg tot over het huidige Winschoterdiep en tussen de Dilgtweg en Noorderzanddijk en de Kooiweg.
De vraag die de onderzoekers zich stelden, of de kloosterlingen zich qua eetstijl hielden aan de Regel van Benedictus, laat zich niet  eenvoudig beantwoorden. Maar een ding lijkt duidelijk: de zusters hadden het niet slecht…
Annemiek Bos