Hooien en oogsten in Noordlaren Haren de Krant september 2020

Tot zo’n honderd jaar geleden kende Noordlaren, waar in polders gehooid werd en op zandgrond geoogst, een bijzondere vorm van samenwerken.
Vóór de hooi- en oogsttijd kwamen alle boeren, “de boer”, ongeacht grootte van het bedrijf, eigen- of keuterboeren, bijeen onder de linden bij de kerk. Opgeroepen door hoorngeblaas door vier “hoornboeren”, jaarlijks gekozen door alle boeren: twee uit het noord-einde, twee uit het zuid-einde.
Op de bijeenkomst werd bepaald wanneer werd begonnen met het maaien (“in de bouw gaan”) en het binnenhalen van hooi en rijp koren (“beginnen van de intrekkeltijd”).
Het zogeheten schuttelbier stroomde rijkelijk.
Het eigenlijke werk werd door klokgelui begeleid en kende een vaste dagindeling. Om 6 uur werd er geluid om naar de eigenboeren te gaan voor een aonbiet en om naar de werkplek te gaan. Om 7 uur wordt er opnieuw geluid, beantwoord door het blazen op de boerhoorn  en mag het werk beginnen.
Om 12 uur weer klokgelui om naar huis te gaan voor het middagmaal, om 2 uur opnieuw klokgebeier om het werk te hervatten. Om 4 uur wordt koffie en stoet gebracht (“vesper”). Om 8 uur klokgeklep en hoornblazen ten teken van het einde van de werkdag.
Buiten de afgesproken werktijden is het niet toegestaan om op de werkplek aanwezig te zijn behalve de maaier die na 8 uur door mag maaien totdat zijn zeis (“zwa”) stomp is.
Het werk bestaat uit maaien, wellen (het gemaaide in garven opzalten),  (samen)binden van de garven en hokken (in hokken zetten van de gebonden garven).
Binnenhalen van hooi en koren moest binnen dezelfde tijden gebeuren. Behalve als tijdens het luiden en hoornblazen van 8 uur ’s avonds al begonnen was met het opladen (“voer”) dan mocht die lading nog naar huis gereden worden.
In het reglement stond: “Stoort iemand zich, gedurende de bouw- en intrekkeltijd, niet aan de gegevene teekenen, druischt hij in een of ander opzigt tegen de bestaande gebruiken, gewoonten of bepalingen aan, dan verbeurt hij eene halve ton bier, ten voordele van de boer.”
Het samenwerken en kleinschalige ‘boeren’ wordt tegenwoordig gepropageerd in het circulaire ‘boeren’; niets nieuws onder de (hete) zomerzon.
Gertjan Hakkaart voor Old Go