Loopgraven in Essen Haren de Krant december 2020

Vorig jaar op 1 mei 2019, stond er een artikel in het Harener Weekblad waarin Rika Buist, in 1945 woonachtig in Essen, een brief schreef over de laatste oorlogsdagen. Een van de zaken die ze noemt is, dat haar broer Jan door de Duitsers is gevorderd om loopgraven te helpen aanleggen rond het buurschap Essen, een intrigerende opmerking.                                                                                                       
Recent zag ik een deel van een afbeelding van door de bezetter aangelegde loopgraven in Essen. De volledige afbeelding van de Duitse verdedigingswerken rond de stad Groningen in 1944-1945 (Groningse Volksalmanak, historisch jaarboek voor Groningen 1976-1977) laat veel meer hiervan zien rond de Stad. 
Rond Essen zien we hele rijen loopgraven met aan de meest noordelijke zijde mitrailleurnesten en prikkeldraad mitrailleurstellingen. Deze laatste liep ongeveer richting zuidwest-noordoost, kruiste beide spoorlijnen iets ten zuiden van de splitsing bij Helpman, en liep tot aan het Winschoterdiep, om daar aan te sluiten op vergelijkbare verdedigingswerken ten oosten van de Stad. De meest zuidelijke liep door de weilanden tussen Essen en de Oosterweg. Rond Essen richting de Rijksstraatweg en vooral ook aan de westzijde daarvan het zelfde beeld. 
Wat verder duidelijk wordt is dat er ten oosten van Essen grote gebieden onder water waren gezet: vanaf het Winschoterdiep naar het westen, en over de spoorlijn Groningen-Hoogezand heen een groot deel van het gebied ‘De Vork’ en verder naar het zuiden tot (vermoedelijk) Waterhuizen en verder de polders in. Het oostelijke gedeelte van de loopgraven lag in het onder water gezette gebied, wat het gebruik niet eenvoudiger gemaakt zal hebben.
Of ze überhaupt gebruikt zijn is overigens maar de vraag. De schrijver in de Almanak, Chr. Van Welsenes, geeft ook aan dat het hier een nat en venig gebied betreft en dat deze zo duidelijk zichtbare werken mogelijk de geallieerden naar een andere aanlooproute moesten lokken, wat ook gebeurd is. ‘Tante Rika’ schreef ook al dat er in Haren en Essen ‘weinig gebeurd’ zou zijn.
De loopgraven in het noordelijk gebied waren voor Haren zeker niet uniek. Het boekje ‘Belevenissen en herinneringen uit de oorlogsjaren 1940-1945 en rond de bevrijding van Haren op 14 april 1945’ leert ons dat in elk geval ook in Noordlaren en Onnen en in het Geertsema’s bos tankvallen en/of loopgraven geweest zijn. In het bos zijn ze ook nu nog zichtbaar.
Ik kan geen conclusies over gebruik van de loopgraven en hun belang bij de verdediging van de Stad of het verloop van de bevrijding geven, maar voor Essen is het duidelijk: niet alleen in 1594 toen Schotse legers in het klooster Yesse bivakkeerden maar ook in 1945 heeft het of een rol gespeeld in, of geleden onder oorlogsgeweld. Wat 4 cijfertjes al niet kunnen betekenen…
Annemiek Bos