Haren achter de es

Haren is van oorsprong een Drents dorp met een bijpassende typisch Drentse structuur: een es met landbouwgronden op het hoger gelegen deel, weidegronden op het overgangsgebied naar het natte beekdal en hooilanden (madelanden) op de meest vochtige strook direct langs de beek. Die structuur is in Haren echter wel op een bijzondere manier ingevuld. We hebben in Haren niet te maken met één beekdal, maar met twee: de Hunze in het oosten en de Aa in het westen. Bovendien lag de es niet bij het dorp, maar een half uur gaans naar het zuiden. Dat laatste lijkt vreemd en onhandig. De stichters van ons dorp konden waarschijnlijk niet anders. Ze moesten rekening houden met de opbouw van het landschap: grondsoort, hoogteligging, afwatering, etc. Die opbouw van het landschap is op de Hondsrug niet zo eenvoudig. Het is geen egale bult zand. Ook in de noord-zuid richting komen veel hoogteverschillen voor. Bovendien zit op veel plaatsen in de grond keileem, dat zorgt voor een slechte afwatering.

De keus voor de locatie van het dorp Haren zal vooral bepaald zijn door twee factoren. Ten eerste de beschikbaarheid van goede huiskavels en ten tweede de goede bereikbaarheid via veedriften van de weide- en hooilanden. Vanaf de Kerkstraat helt de Hondsrug ook in zuidelijke richting een beetje af. Dit betekent een goede afwatering van de daar aanwezige gronden. Bovendien is van hieruit de bereikbaarheid van de weide- en hooilanden zowel naar het westen als naar het oosten gunstig. Men gaat er daarom vanuit, dat in dit gebied (tussen de Kerkstraat en de Julianalaan/Terborgsteeg) het dorp Haren is ontstaan. Maar waar moest dan de es komen? Het gebied ten noorden van de Kerkstraat bestond uit slechte grond. Niet voor niets werd dit gebied het Harener Holt genoemd. Naar het zuiden toe daalde de Hondsrug nog wat verder. Dit gebied was daardoor te vochtig voor landbouw, maar wel uitstekend voor de aanleg van koekampen. Hier kon het vee ’s nachts verblijven. De straatnaam Jagerskampen verwijst naar deze historie. Nog zuidelijker (ten zuiden van de huidige Hertenlaan) lag veel droog zand. De naam Spijkerboor wijst op een zandverstuiving. Pas achter het Spijkerboor lag geschikte grond voor de aanleg van een es. De straatnamen Esstukken en Essteeg vormen een goede verwijzing naar het oude grondgebruik.

Landbouwgrond is duur. Bovendien beschikte men vroeger niet over materieel om grote percelen te bewerken. Een es is dus herkenbaar aan veel dicht bij elkaar gelegen kleine kavels. Op de kadastrale kaart van 1830 is deze verkaveling nog goed te zien. Grofweg laat deze kaart het gebied zien ten zuiden van de Holsteinslaan/Dr Ebelsweg. Bij ‘1’ ligt het wandelpad in het verlengde van de Nieuwlandsweg ten westen van de begraafplaats.

Kerkelijk was Haren ingedeeld in boerschappen en kluften. Het grootste deel van het gebied op de kaart ligt in de kluft Achter de es van de boerschap Haren. Bij ‘6’ komen de grenzen van de boerschappen Haren, Onnen en Glimmen bij elkaar. Hier stond vroeger de molen van Haren. Ik kom daar een andere keer nader op terug. In 1704 heeft dominee Cock per kluft een overzicht opgesteld van alle personen, die lid waren van de Harener kerk. Voor de kluft Achter de es vermeldt hij 14 personen. Zo noemt hij vijf personen die te maken hebben met ‘vrou Buttinga’: Hemme, de knecht, pachter Jan Jans en zijn vrouw Margareta en grote pachter Jan Jans en zijn vrouw Geertien. Deze ‘vrou Buttinga’ is Wibbina Gerlacius. Haar vader Tjaart Gerlacius wordt in 1681 vermeld als eigenaar van het landgoed Voorveld. In 1704 is Wibbbina weduwe van Nicolaas van Buttingha. Via haar dochter Maria van Buttingha komt Voorveld later in handen van Tjaart van Berchuijs. Deze Tjaart overlijdt in 1789 en dan gaan de erfgenamen over tot verkoop van het landgoed. Uit de advertentie in de Groninger Courant van 2 november 1790 noem ik het volgende: de buitenplaats Voorveld met een boerenplaats bij Albert Koops in gebruik en een behuizinge met eenige kampen weide en bouwland bij Folkert Eisses in gebruik. Voorts een boerenplaats tegenover de buitenplaats bij de weduwe van Hindrik Harms in gebruik.

Het is wat lastig om precies aan te geven wat nu precies wat is. Ik houd het er op, dat de boerderij, die Albert Koops in gebruik heeft, de huidige boerderij Boerlaan 18 (‘4’ op de kaart) is. Folkert Eisses woont dan op de rond 1920 afgebroken boerderij Boerlaan 2 (‘5’ op kaart) of op de boerderij vlak naast het landhuis (‘2’op de kaart). De weduwe van Hindrik Harms woont zonder twijfel op de boerderij Rijksstraatweg 364 (‘3’ op de kaart).

Folkert Eisses wordt in 1746 geboren te Feerwerd. Waarschijnlijk komt hij met zijn ouders naar Haren. Hij trouwt in Haren in 1768 met Hillegien Jans Adolfs. Zoon Klaas van de bovengenoemde Hindrik Harms neemt in 1811 de achternaam ‘Van der Es’ aan. Ook een familie met veel nazaten in Haren en Onnen.

De columns ‘Harener Historie’ worden geschreven door Eppo van Koldam. De eerste 78 columns zijn verschenen in het Harener Weekblad. De serie is per 1 april 2020 voortgezet op www.oldgo.nl. Voorafgaand aan de serie in het Harener Weekblad zijn in 2016 ook al enige columns gepubliceerd in het toen in het dorp Haren uitgeven blad Ons Haren. Deze column is eerder gepubliceerd in Ons Haren op 19 oktober 2016.