Meerwegbrug, deel 2

Eigenlijk gaat deze bijdrage niet over de Meerwegbrug. Maar de Meerwegbrug staat in onze huidige beleving ook synoniem voor de passage over het Noord-Willemskanaal van Haren naar Paterswolde. En daar wil ik het wel over hebben. Hoe zag die passage er uit voor 1907?

Overvaart over het Hoornschediep
In mijn vorige bijdrage ‘Meerwegbrug’ heb ik al aangegeven, dat een oversteek van het Hoornse Diep slechts mogelijk was ten noorden van de uitmonding van de Oude Schipsloot in het kanaal. Hier was reeds in vroege tijden een overvaart. Met een bootje kon je tegen betaling het kanaal worden over gezet. Die overvaart was van uit Haren bereikbaar via een smal voetpad door de huidige Molenbuurt. Het voetpad langs de woning Rijkstraatweg 111A van de Rijksstraatweg naar de Van Veldekelaan is hier mogelijk nog een restant van. De overvaart is door Theodorus Beckeringh vermeld op een schetskaart van omstreeks 1760. Aan de westkant van het Hoornse Diep stond aan de Hoornse Dijk het huis ‘De Overvaart’. Hier woonde de schipper, maar het huis deed ook dienst als herberg.

Eigendom familie Warmolts
De turfwinning in het gebied van het huidige Paterswoldsemeer is vanuit Haren opgezet door Jan Warmolts. Jan Warmolts woonde in het Huis Warmolts. Dit huis lag ten noorden van de huidige Molenbuurt dichtbij de A28 (nu ongeveer Rijksstraatweg 79 te Haren). Zijn activiteiten aan de overzijde van het Hoornse Diepe leidden er toe, dat hij ook daar veel gronden verwierf. Ook het huis ‘De Overvaart’ was eigendom van Jan Warmolts. Dat blijkt bij de verdeling van zijn nalatenschap op 30 april 1788. Tot die nalatenschap behoort dan: “Het huis op De Overvaart met het recht van overzetten bij Berent Andries los in gebruik voor f.55,-“. Het overzetten en de daaraan verbonden tolheffing was dus een recht. Andere personen was het overzetten niet toegestaan.

Bouw van een voetbrug door broers Nijdam
De genoemde Berent Andries is ongetwijfeld Berend Andries Nijdam. De familie van zijn stiefmoeder Jantien Jans Kuipers is al erg lang actief op de overvaart. Na het overlijden van Berend nemen zijn twee halfbroers Roelf en Jan Nijdam de scepter over. Zij komen in 1841 met het plan een voetbrug te bouwen. De burgemeester is enthousiast. “De wijze van overvaart toch, zooals die thans geschied, geeft tot wezenlijk ongerijf en ongemak aanleiding, dewijl de stand van het water in het Hoornschediep dikwijls zoo hoog is, dat het maaiveld zich onder water bevind en de passagiers, alsdan genoodzaakt zijn door het water te waden, gezwegen nog van het bestaande gevaar bij vorst weder, wanneer het ijs niet is te vertrouwen evenwel de overvaart stremt en de reizigers door de omstandigheden gedrongen om het diep te passeren, door zich op het ijs te wagen hun leven, bij gebrek aan veiliger overgangsmiddel aan gevaar moeten blootstellen, zoodat dan ook in een tijdvak van omstreeks vier jaren twee lijken gevonden zijn, zonder dat men echter de juiste omstandigheden kent welke aanleiding tot het ongeluk dezer drenkelingen hebben gegeven”. De voetbrug komt er. En uiteraard mogen Roelf en Jan Nijdam tol heffen voor het gebruik van de brug. Burgemeester en assessoren (wethouders) stellen een “Reglement op de bediening en het onderhoud der draaibrug over het Hoornsche diep, bewesten het dorp Haren” op, waarin de verplichtingen van de exploitanten nauwkeurig staan omschreven. Zo zullen zij “ten allen tijde de passerende lieden heusch en vriendelijk moeten bejegenen, dezelve zoo kort mogelijk ophouden, en nimmer meer vermogen te vragen, dan bij het tarief is bepaald”.

Herstel brug na aanleg Noord-Willemskanaal
De aanleg van het Noord-Willemskanaal in 1861 lijkt wat betreft de brug roet in het eten te gooien. De brug raakt beschadigd en de broers Nijdam zeggen niet in staat te zijn de brug te herstellen. Het gemeentebestuur doet daarop een oproep voor degenen die de exploitatie van de brug willen overnemen. Daarop meldt zich neef Sietze Nijdam. Dat is echter de eer van Roelf en Jan te na en ze besluiten alsnog tot herstel van de brug. Voor de gemeente is dat extra van belang, want in 1860 is besloten de school aan de Hoornsedijk te sluiten. De kinderen moeten nu in Haren naar school en zonder brug wordt dat lastig. Bovendien heeft het gemeentebestuur aan de bewoners aan de Hoornsedijk juist beloofd de route naar de school in Haren te verbeteren. Gedacht wordt dan aan de verbetering van het voetpad naar de Rijksstraatweg. Door de aanleg van het jaagpad langs de oostkant het kanaal en de aanleg van het havenvaartje met langs de noordkant een jaagpad over de dijk ontstaat nu echter een nieuwe en veel betere route: door de Havenstraat (nu Meerweg) naar de haven (aan de Westerse Drif), dan langs het vaartje naar het Noord-Willemskanaal, vervolgens bij het kanaal rechtsaf het jaagpad langs het kanaal op tot de voetbrug. Over de brug is er dan de keus: linksaf over de dijk naar Paterswolde of rechtsaf naar Den Hoorn en Groningen. Hendrik Hendriks van Hemmen, die woonde op een boerderij in Den Hoorn (nu locatie Maartenshof in de wijk Hoornsemeer in Groningen) en die van 1851 tot 1881 raadslid van Haren was, zal deze route vaak afgelegd hebben.

Verval en afbraak
Door het gereedkomen van de Meerwegbrug in de nieuwe Kunstweg van Haren naar Paterswolde zal het gebruik van de voetbrug stellig aanzienlijk afgenomen zijn. En dus ook de tolopbrengst. Voor Roef en Albertus Nijdam, kleinzonen van bovengenoemde Roelf Nijdam, was de lol er vanaf. De gemeente handhaaft echter streng. De wethouders Roelf Koops en Hendrik van der Veen stellen bij een schouw van de brug in 1910 vast dat er gebreken zijn. Als de gebroeders Nijdam die gebreken niet herstellen volgt er een strafzaak. Die zaak dient tot de Hoge Raad aan toe. De broers Nijdam worden veroordeeld tot f.5,- boete of 3 dagen hechtenis. Toch zijn de dagen van de voetbrug geteld. Uit deze periode dateert de bijgaande foto, die is genomen vanaf de dijk in noord-oostelijke richting. In 1912 wordt de brug definitief opgeruimd. Het huis ‘De Overvaart’ is afgebroken bij de verbreding van het Noord-Willemskanaal ca 1970.

Bij de foto: Oude voetgangersbrug Nijdam Foto P. Kramer, Groninger Archieven

De columns ‘Harener Historie’ worden geschreven door Eppo van Koldam. De eerste 78 columns zijn verschenen in het Harener Weekblad. De serie is per 1 april 2020 voortgezet op www.oldgo.nl. Deze column is eerder gepubliceerd in het Harener Weekblad op 27 februari 2019.