Thuiszorg in Blankeweer

Toen ik enige weken geleden mijn column ‘Café Blankeweer’ schreef, moest ik direct denken aan het verhaal, dat ik over de bewoners van dat café had gelezen in het dagboek van wijkzuster Wartena. Over dat dagboek schreef ik al veel eerder (14 maart 2018) een column.

Nelly Wartena was vanaf 1933 wijkzuster van het Groene Kruis in Haren. Op haar fiets reed ze de gehele gemeente door om thuiszorg te verlenen. Zo passeerde ze op een goede dag in de zomer het café Blankeweer, toen de waardin haar aanhield en haar in correct Gronings vroeg om de volgende morgen langs te komen om haar broer te verschonen. “Ik kan ’s middags komen”, was de reactie van zuster Wartena. Maar dat kon niet, want de patiënt moest voor 10 uur in het café zitten en kon daar uiteraard niet gewassen worden.

Zo startte de thuiszorg voor Egbertus (Bertus) Cornelis Haijkens. Niks geen formulieren of indicaties. Bertus was de broer van Aafke Haijkens, de vrouw van de in mijn column over café Blankeweer genoemde Roelf Vos. Alle drie personen hadden een leeftijd tussen de 50 en 60 jaar.

De eerste kennismaking met de patiënt is illustratief voor de omstandigheden, die zuster Wartena aantrof. “Door de gelagkamer kom ik in het woonhuis en door een smal gangetje bij een klein donker hokje met een dakraampje en zonder deur. Op het ingebouwd ledikant ligt de patiënt. Hij is door stijfheid van armen en benen erg hulpbehoevend, maar tegelijk erg handig met de weinige krachten, die hem nog resten. Verder heeft hij een geduldige en goed afgerichte hulp aan zijn zwager, die door een oogziekte voor weinig ander werk meer is in te schakelen”. Bijzonder is, dat Bertus zijn zuster ‘Moeke’ noemt en zijn zwager ‘Pap’, dat doen hun kinderen ook en dat heeft Bertus over genomen. Met hulp van Pap lukt het zuster Wartena om de patiënt die eerste ochtend op tijd gewassen en gekleed op zijn stoel in het café af te leveren. Nu wordt het de vraag, wanneer de zuster weer moet komen. Eens per maand lijkt Moeke wel voldoende. Zuster Wartena vindt eens per week wenselijk. Uiteindelijk wordt het eens per twee weken.

Als de winter nadert heeft Moeke het voorstel de wasbeurten maar een tijdje te staken. Ook Bertus verdient kerstvakantie. Zuster Wartena is hiermee niet akkoord. Het is voor haar alles of niets. Het wordt niets. Bertus is weer overgeleverd aan de zorg van Moeke en Pap. Pas twee jaar later gaat zuster Wartena op verzoek van de dokter weer naar Blankeweer. Bertus blijkt dan erg achteruit gegaan. Het lopen lukt helemaal niet meer en hij kan ook niet meer op zijn vaste plekje in het café zitten. Onder groot protest van Moeke zorgt zuster Wartena er voor, dat hij uit zijn donkere hokje wordt gehaald en in de serre komt te liggen in een ledikant van het Groene Kruis. Hij heeft nu ook dagelijks verzorging nodig.

Er ontstaat een band tussen zuster Wartena en Bertus. Heel langzaam vertelt Bertus stukjes van zijn levensverhaal. Dat zijn moeder is overleden bij zijn geboorte en dat hij toen in zijn geboortedorp Bedum is groot gebracht door Stientje Glas voor een rijksdaalder in de week en dat hij getrouwd is geweest, maar zijn lieve vrouw overleden is, en dat hij toen naar Blankeweer is gekomen om bij zijn zwager en zus te wonen en in het café te helpen, maar dat van dat helpen door zijn ziekte niets terecht is gekomen. Graag praat Bertus met zuster Wartena. Over mensen uit zijn geboortedorp, die “niet nederig zijn gebleven” of hoe je uit het hoofd sommetjes als 25x35 en 35x45 op kunt lossen. Heeft Bertus geleerd van de schoolmeester in Bedum. Die schoolmeester heeft hem ook geleerd, dat jongens, ook als ze later mannen zijn, eerbied moeten hebben voor vrouwen. Dat je een dame altijd voor moet laten gaan. Dat zou Bertus zeker doen, als hij samen met de zuster in het postkantoor zou staan, maar dan realiseert hij zich verstikt in tranen, dat dat nooit aan de orde zal zijn. Het blijkt dat Bertus eigenlijk al vanaf zijn 12e jaar ziek is en dat hij leidt aan een spierziekte, waar zuster Wartena pas jaren later – met het voortschrijden der medische wetenschap - het etiket multiple sclerose op kan plakken.

Het eten wordt Bertus nu gevoerd door Pap. Vooral zondag, maar ook op andere dagen, wanneer er volk in het café is, ligt Bertus alleen in de serre. Zijn troost is, dat er dan tenminste weer wat wordt verdiend, want “de affeer is niet veel meer”. Moeke, toch de zus van Bertus, bemoeit zich verder nauwelijks met zijn verzorging. Dat doet Pap en naar zuster Wartena vaststelt met engelengeduld. Een moeilijke patiënt is Bertus niet. Hij laat veel bereidwillig over zich heen komen. Ook het bezoek van de dominee. “Als domi komt, goed dan komt domi”. Volgen kan Bertus de dominee niet, maar “hij moet een knappe man zijn, schrijft in kranten en kan puzzels oplossen”. Bertus laat hem maar praten “het is zijn vak, ja”.

En dan op 31 juli 1938 komt het einde. “Nu is Bertus overleden. De levendige Bertus is dood. Koud, in de hete serre. Stil, eindelijk in rust en wit, inwit. Zijn laatste vrees voor de augustusmaand en de warmte is blijkbaar begrepen”. Bertus is 54 jaar oud geworden. ‘Moeke’ Aaf Haijkens overleed in 1947 op Blankeweer, ‘Pap’ Roelf Vos overleed in 1956 bij zijn zoon Harmannus Vos te Nieuwolda. Het café Blankeweer werd toen al enige jaren geëxploiteerd door dochter Hillechien Vos en haar man Evert Vijfschagt.

De foto komt uit het dagboek van Nelly Wartena. In bed patiënt Bertus en daar achter Pap en zuster Wartena.

De columns ‘Harener Historie’ worden geschreven door Eppo van Koldam. Iedere twee weken verschijnt een nieuwe column. De eerste 78 columns zijn verschenen in het Harener Weekblad. De serie is per 1 april 2020 voortgezet op www.oldgo.nl. Dit is digitale column nr. 39.

Old Go

De Harense Kring Old Go is opgericht in januari 2010 en houdt zich bezig met de geschiedenis van de voormalige gemeente Haren. De gemeente bestond uit de dorpen Haren, Glimmen, Onnen en Noordlaren en de buurtschappen Essen en Hemmen. Op 1 januari 2019 is de gemeente Haren in het kader van de gemeentelijke herindeling samengegaan met de gemeenten Groningen en Ten Boer. 

Gevarieerd aanbod

Lezingen en excursies

(Mede-)Organisatie Open Monumentendag en Dag van de Harense Geschiedenis

Uitgave van Harens Old Goud, 2x per jaar, een tijdschrift met een breed aanbod van artikelen en oude foto's

Publicaties in Haren de Krant

Presentatie en promotie op evenementen.

Bezoekerscentrum

Kom eens langs in het bezoekerscentrum van Old Go! Elke eerste donderdag van de maand kunt u van 14.00 tot 16.00u bij ons terecht voor inzage in ons archief. We hebben een luisterend oor voor uw (oude) verhalen met of zonder foto’s. Het adres is Oude Brinkweg 12A, Haren; de trap op naar boven.

Contact

Wilt u lid worden? U kunt zich aanmelden door middel van het aanmeldingsformulier (zie onder vereniging-lidmaatschap). 

Heeft u een algemene vraag of opmerking? Stuur een mailtje naar

Wilt u een artikel of foto's aanbieden voor Harens Old Goud en/of de website? Stuur een mailtje naar

Heeft u een vraag of opmerking over de website? Stuur een mailtje naar