Lege plekken in Haren

Lege plekken in Haren

Tijdens de WO-II is veel vastgoed van Joodse inwoners onteigend en doorverkocht. De makers van het KRO-NCRV programma Pointer hebben in 2020 landelijk onderzoek gedaan naar deze praktijken (https://pointer.kro-ncrv.nl/verkaufsbucher-administratief-boekwerk-als-startpunt-voor-aangrijpende-oorlogsverhalen). Dit was mogelijk omdat de vastgoedboeken (Verkaufsbücher) die door de Duitsers werden bijgehouden opnieuw waren gedigitaliseerd. Twee vragen stonden vervolgens in het onderzoek centraal: 1. zijn de woningen en stukken grond na de bevrijding weer bij de rechtmatige eigenaren terecht gekomen? 2. hebben gemeenten wel onderzoek gedaan naar hun eigen rol hierin? Op de website van Pointer is dit onderzoek terug te vinden en is ook de landelijke kaart te zien met onteigende Joodse eigendommen. Op deze kaart staan ook een aantal percelen in Haren waaronder het pand Hortuslaan 6-12 op de bovenstaande foto.

De vraag naar de rol van de gemeenten is in veel gemeenten inmiddels aanleiding geweest voor een onderzoek. Zo verscheen in november 2021 het onderzoeksrapport ‘Lege plekken, ontvreemding van Joods vastgoed en rechtsherstel in de gemeente Groningen 1940-1955’. In dit rapport is ook gekeken naar de rol van de gemeente Haren. Het onderzoeksrapport is te vinden op internet en te downloaden. Dat geldt ook voor het rapport ‘Vermoord en bestolen’ over een vergelijkbaar onderzoek naar de rol van de gemeenten Oldambt, Veendam, Midden-Groningen, Westerkwartier en Het Hogeland. Naar ik heb begrepen vindt inmiddels ook onderzoek plaats in de resterende gemeenten in de provincie Groningen.

Uiteraard concentreer ik mij in de rest van dit verhaal op de situatie in Haren. Mijn verwachting was, dat de onteigening van Joodse eigendommen in Haren een behoorlijke impact zou hebben gehad, omdat veel van de gedeporteerde en vervolgens vermoorde Joden woonden in straten als de Wilhelminalaan, Emmalaan, Westerse Drift, Poorthofsweg, Dilgtweg en Rijksstraatweg. Dit bleek echter geenszins het geval. Ik had me verkeken op de vooroorlogse woningmarkt in Haren. Veel huizen in de genoemde straten waren in handen van kleine beleggers uit Groningen. Het bezit van een of meer woningen was voor hen een spaarpotje voor de oude dag. In de oorlog werden veertien woningen in Haren bewoond door een Joods gezin. In slechts vijf gevallen was sprake van een eigen woning, dat waren de woningen: Dilgtweg 12 (eigenaar Clara van Essen-van der Rijn), Dilgtweg 16 (eigenaar Rosa van Dam-Serphos), Rijksstraatweg 257 (eigenaar Simon Heiman Cohen), Rijksstraatweg 20 (eigenaar Salomon Kottek) en Rijksstraatweg 190 (eigenaar Salomon David Nathans). De woning Rijksstraatweg 20 werd al in het begin van de oorlog gevorderd ten behoeve van de huisvesting van Duitse officieren. De familie Kottek verhuisde toen naar de huurwoning Emmalaan 22. Vanuit die woning is de familie later gedeporteerd.

Eind 1941 werden de Joodse eigendommen verplicht onder beheer gesteld van de stichting Niederländische Gründstücksverwaltung (NGV). In de loop van 1942 werd deze onder beheerstelling aangetekend in de openbare kadastrale registratie. De NGV had de bevoegdheid om de onder haar beheer gestelde goederen te verkopen. Dat was zelfs de uitdrukkelijke bedoeling van de Duitsers, want op die manier kon verdiend worden aan de gestolen Joodse eigendommen. De animo bij ‘gewone’ burgers om zaken te doen met de NGV was zeker in onze regio niet groot. Vanuit Londen werd ook gewaarschuwd voor deze transacties. De kopers waren daarom hoofdzakelijk mensen uit het ‘foute’ circuit. Van de vijf bovengenoemde woningen werden er drie verkocht aan zo’n ‘oorlogskoper’. De woning Dilgtweg 16 kwam wel onder beheer van de NGV, maar werd niet verkocht. Ook de woning annex winkel van Salomon David Nathans op de hoek van de Rijksstraatweg en de Kerkstraat werd niet verkocht. De reden hiervoor was waarschijnlijk dat dit pand na de deportatie van de familie Nathans werd gebruikt door aan de NSB verbonden organisaties, zoals de organisatie ‘Moeder en Kind’. Een aantal woningen in Haren waren eigendom van in de stad Groningen wonende Joden. Dat gold ook voor het pand Hortuslaan 6-12.

Na de oorlog volgde wat genoemd werd ‘rechtsherstel’. Dat hield in dat de oorlogskoper de woning weer moest afstaan. Dat was meestal geen eenvoudige zaak. Er konden zich diverse problemen voordoen. Als de oorlogskoper kosten had gemaakt voor onderhoud of verbetering van de woning moesten die worden vergoed. Sommige gemeenten geneerden zich niet om met claims te komen voor nog niet betaalde belastingen en – en dat was in veel situaties het lastigste – wie was of wie waren degene(n) aan wie de eigendom teruggegeven moest worden. Van veel Joodse eigenaren moest worden aangenomen, dat zij in Duitsland waren vermoord, maar de procedure van rechtsherstel kon pas verder als er een overlijdensakte was en die kon in verreweg de meeste gevallen door gebrek aan gegevens niet worden opgemaakt. Voor Joodse familieleden die de oorlog wel hadden overleefd een zeer frustrerende aangelegenheid, want zolang het rechtsherstel niet kon plaats vinden duurde het beheer voort. Nu door de Nederlandse equivalent van de NGV, het Nederlands Beheersinstituut (NBI). Extra wrang daarbij was dat dit NBI ook de in beslag genomen eigendommen van foute Nederlanders in beheer had en voor deze groep en de Joden dezelfde regels hanteerde. Pas in 1951 werd bij wet geregeld dat vermiste Joden als overleden konden worden geregistreerd. Als overlijdensdatum kon dan worden aangehouden de derde dag na het – meestal wel bekende – vertrek uit Westerbork of Vught. En dat was dan ook weer goed nieuws voor de Nederlandse belastingdienst, want met die data kon worden bepaald welke Jood van welke Jood had geërfd en dat was dan weer een basis voor het berekenen van het successierecht.

Zo schreef ik in mijn column ‘De eigendommen van de familie Nathans’, dat ik het wat vreemd vond dat in het kadaster slechts familieleden van Rosa Nathans-Rosenbaum als erfgenamen werden vermeld. Heel naïef had ik gedacht, dat na de oorlog alles zo eerlijk mogelijk werd verdeeld over de nog levende familieleden, maar zo werkte het niet. De overlijdensdatum van Salomon David Nathans was 30 september 1942, die van zoon Simon 21 augustus 1942, van zoon Ephraïm 2 september 1942 en van moeder Rosa Nathans-Rosenbaum 11 december 1942. De nalatenschappen werden keurig conform de volgorde van overlijden afgewikkeld. Dus eerst die van Simon met als erfgenamen zijn ouders en broer, vervolgens die van Eprhaïm en tenslotte die van vader Salomon met als enig erfgename zijn vrouw Rosa. En dat was in deze volgorde nog redelijk eenvoudig. Als Salomon voor zijn beide zonen was overleden was het ingewikkelder geworden en de afdracht aan successierecht navenant een veelvoud.

In een bijlage bij deze column geef ik overzicht van de woningen die werden bewoond door een Joodse familie/persoon dan wel een joodse eigenaar hadden. Ik kom tot 26 woningen die onder beheer van de NGV zijn gesteld, daarvan zijn er 16 verkocht en heeft in 13 gevallen registratie van die verkoop in het kadaster plaats gevonden. Daarbij moet wel worden aangetekend dat het bij de verkochte woningen vaak ging om een gecombineerde verkoop (Holsteinslaan 18 en 20, Hortuslaan 6, 8, 10 en 12, Kerkstraat 22 en 24. Uiteindelijk is bij al de verkochte woningen op basis van het ‘rechtsherstel’ de verkoop ongedaan gemaakt, maar daar gingen jaren overheen.

De columns ‘Harener Historie’ worden geschreven door Eppo van Koldam. Iedere twee weken verschijnt een nieuwe column. De eerste 78 columns zijn verschenen in het Harener Weekblad. De serie is per 1 april 2020 voortgezet op www.oldgo.nl. Dit is digitale column nr. 92.

Bijlage
Overzicht van de woningen in de gemeente Haren met Joodse eigenaren en/of Joodse bewoners (bijlage bij artikel ‘Lege plekken in Haren’).

Old Go

De Harense Historische Vereniging Old Go is opgericht in januari 2010 en houdt zich bezig met de geschiedenis van de voormalige gemeente Haren. De gemeente bestond uit de dorpen Haren, Glimmen, Onnen en Noordlaren en de buurtschappen Essen, Dilgt en Hemmen. Op 1 januari 2019 is de gemeente Haren in het kader van de gemeentelijke herindeling samengegaan met de gemeenten Groningen en Ten Boer. 

Gevarieerd aanbod

Lezingen en excursies

Organisatie Open Monumentendag 

Uitgave van Harens Old Goud, 2x per jaar, een tijdschrift met een breed aanbod van artikelen en oude foto's

Publicaties in Haren de Krant

Presentatie en promotie op evenementen.

Info-centrum

Kom eens langs in het Info-centrum van Old Go! Elke eerste donderdag van de maand kunt u van 14.00 tot 16.00 uur bij ons terecht voor inzage in ons archief. We hebben een luisterend oor voor uw (oude) verhalen met of zonder foto’s. Voor vragen en informatie kunt u mailen naar info@oldgo.nl. Het adres is: Oude Brinkweg 12A, Haren; de trap op naar boven.   

Contact

Wilt u lid worden?  Zie ons aanmeldingsformulier. 

Heeft u een algemene vraag of opmerking:  info@oldgo.nl

Wilt u een artikel of foto's aanbieden voor Harens Old Goud: redactie@oldgo.nl